Tasten in het duister

Een gezin met 2 kinderen, dat heb ik altijd als een ideaal gezien. 3 is teveel, want dat komt niet zo lekker uit op de achterbank, of als je met z'n allen naar een pretpark gaat, dan moet je altijd mee in de ritjes. 3 is niet praktisch... Zo ook met het verbouwen van ons huidige huis. Het is het ouderlijk huis van mijn man. Hij kende het dus van binnen en buiten. Zijn eigen slaapkamer (1 van de 4)hebben we opgeofferd voor een ruime overloop en zo konden we een vaste trap maken naar de zolder. En 3 kinderen, daar hebben we nooit over getwijfeld, die kwamen er niet.

In 2015 gaven wij elkaar het ja-woord, het vervolg van een verloving van ongeveer een jaar. Ik ben nierpatiënt en met hetgeen ik al had meegemaakt en niet wetend hoe het verder met mij zou lopen medisch gezien, wilde ik niet te lang wachten met kinderen. Ik heb het altijd wel dubbel gevonden. Was geen geboren oermoeder, zoals ik dat om me heen wel eens zag. Ik vond het lastig om mijn eigen tijd en vrijheid op te moeten geven voor een ander. Maar dat verdween langzaam naar de achtergrond en groeide bij mij het verlangen naar een kindje en na een miskraam begin 2016 na ongeveer 9 weken konden we toch heel voorzichtig juichen in juni 2016. Een positieve test. Niet lang daarna had ik een bloeding en begon ik een beetje bang te worden. Na 2 weken (en dus in mijn 6e zwangerschapsweek) werd er een hartje gezien en gehoord bij de gynaecoloog. 

Ik volgde, vanwege mijn nieraandoening, het traject in het ziekenhuis. Dat was fijn, het gaf me meer zekerheid. Na de 20 weken echo en na veel pijntjes en andere kwaaltjes kwam er toch wel een naar en vervelend gevoel opzetten. Mijn urine kleurde oranje en de jeuk aan mijn benen was met name in de nachten ondragelijk. Na een paar nachten heb ik het ziekenhuis gebeld en ben ik de volgende dag naar het ziekenhuis gegaan om bloed te laten prikken. De week erop op nacontrole en ik bleek zwangerschapscholestase te hebben, oftewel galstuwing.

Ik moest acuut stoppen met werken, rust nemen en medicatie om de waardes van de galzuurzouten niet te hoog op te laten lopen. Het kon schade aanrichten aan mijn lever, maar nog erger, mijn ongeboren kindje kon aan de gevolgen hiervan komen te overlijden. Bedrust was enorm belangrijk en heb vanaf dat punt heel rustig aan gedaan. Om de dag moest ik naar het ziekenhuis voor een echo en ctg onderzoek. Gelukkig werd ik op 25 januari 2017 op 37 weken en 1 dag, ingeleid. We zagen ons meisje zoveel dat we er het volste vertrouwen in hadden gekregen dat zij dit ging halen. En op 25 januari om 22.54u werden wij ouders van onze Roos. Een forse baby voor die termijn, namelijk dik 3500 gram.

Een beetje onwennig namen we ons kleine frotje mee naar huis. Eenmaal thuis en met z'n drietjes konden we echt genieten. Het was een super vrolijke baby en lag altijd netjes op schema. Niet te dik, niet te lang en ook de ontwikkeling ging goed. Ook sliep en slaapt ze altijd als een Roosje. Een kind waar je er niet zo snel een tweede van vindt. Dit was uniek. Als we ooit een tweede zouden krijgen dan wisten we dat het nooit meer zo "makkelijk" zou worden als met Roos. Little did we know...

Na een klein jaartje en de hormoonhuishouding weer enigzins in balans, begon het toch weer te kriebelen. Afspraak met de nefroloog en de gynaecoloog om nogmaals de risico's van mijn nierfalen te bespreken en de risico's na een zwangerschap met cholestase, durfde we het toch aan. De gynaecoloog zei ons nog 'denk er maar even over en maak maar een afspraak als je erover uit bent'. Maar die maand werd ik niet meer ongesteld en deed ik begin januari 2018 een test en die was positief. Het gevoel, die lading na het uitvoeren van die test, was zachtgezegd anders dan bij Roos.

Ik kwam op het bed zitten en zei tegen Dennis dat ik nieuws had. Ik had een test gedaan en hij is positief. Het enige wat hij kon zeggen was 'hoe dan?' Het kon wel, daar niet van, maar het was zo snel gegaan. Ik zei: 'ik vind het zo snel, bijna te snel gegaan, het voelt haast niet goed'. Met de aansluitende woorden 'ik moet niet meteen zo negatief denken. Als het niet goed is moet ik ervan op aan kunnen dat mijn lichaam dat zelf signaleert'. Maar wanneer is het daadwerkelijk een "defect". Wanneer bepaalt de natuur dat dit vruchtje niet goed ontwikkeld? Wanneer is het te detecteren en hoe kan je lichaam dit detecteren als de celdeling gewoon goed is gegaan? Niet.... Dat kan je lichaam niet detecteren.

Maar deze zwangerschap was anders. Op sommige momenten ondraaglijk. Met 12 weken strompelde ik al rond en kon ik nog geen 200meter lopen, zonder pijn, extreme krampen, in mijn onderbuik. Ik ben met de 6 weken, na 2 bloedingen, al naar de verloskundige gegaan. En zij zagen direct een kloppend hartje. Dus ik hoefde me op dat moment ook geen zorgen te maken. Was het helder bloed? Dan hoef je je daar geen zorgen over te maken. Heb je zoveel pijn? 'Dat zijn vast je banden' of 'zwangere vrouwen zijn rare wezens' of 'dit is wel je tweede, dat vergeten de meeste vrouwen'. Maar ik begreep natuurlijk ook dat noch de gynaecoloog als de verloskundige met 'het voelt simpelweg niet goed' niks konden. Het was dus uitzitten en duimen dat alles goed ging.

En gelukkig wees iedere controle er weer op dat dat ook zo was. Je was weer even gerust gesteld. Je negeerde velen klachten en kwalen en zette het weg als "het zit vast tussen mijn oren". Met 36 weken kwam ik op een van mijn laatste controles. Hij was dwars in mijn buik gaan liggen en dat had ik ook gevoeld. Had ik die week ervoor nog een buik met minimale striae, nu was ik omgetoverd tot levend zebrapad. En dat in 4 dagen tijd. In eerste instantie dacht ik aan een groeispurt, maar dit... Ik zag me al bevallen van een baby in stuit. Maar gelukkig draaide hij in de 37e week toch terug en kon ik met 38 weken en 1 dag ingeleid worden. Alles wat fout kon gaan rondom een inleiding ging fout. Het ballonnetje was niet goed gezet, gevolg, geen ontsluiting.

Na uren van wachten en weeën die maar niet wilde opkomen werd er in de dienstwisseling van 16:00 uur een verloskundige voorgesteld die het klusje wel even kwam klaren. Een verpleegkundige ging op mijn buik hangen en drukte Loek op die manier ver in mijn bekken. Zo konden de vliezen gebroken worden en werd de bevalling verder ingezet. Om 19:00u vroeg ik mijn ruggenprik en die werd te hoog gezet waardoor ik niks voelde tot aan mijn nek. Een akelig gevoel en helaas allemaal voor niks toen ik een uur later alles weer begon te voelen. Op eigen kracht toch verder en om 23:17u werd onze zoon Loek geboren. Ook geen mager ventje met 3595 gram. 

Loek huilde naar mijn zin niet krachtig genoeg bij het ter wereld komen. Het kwam er haast kreunend uit. Omdat je zelf nog in een roes bent heb ik hier weinig van meegekregen en toen ook de verloskundige zei dat hij een prachtige score had, moest ik er toch wat vertrouwen in krijgen. Opgelucht dat Loek eruit was en ik kon bijkomen van de bevalling, reden we samen naar de kamer. Compleet, maar ook ontzettend bang. Die roze wolk was nog niet roze, maar heel lichtblauw. Alsof je nog niet kon zien welke kant dit op kon gaan. Donderslag aan heldere hemel of hemelsblauw met zonneschijn. Het belangrijkste was, hij was er en gezond verklaard. Maar toch piepte telkens dat onderbuik gevoel naar boven. Ik tastte in het duister en ik wist nog niet waarom... 

Reacties

Populaire posts van deze blog

Een voorstelronde

De harde realiteit

Inspiratie en de kerstdagen